“Orde: Armoede op Curaçao bedreiging voor de rechtsstaat”

Ter gelegenheid van de installatie van een viertal rechters bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba op vrijdag 25 september j.l. hield de Deken van de Orde van Advocaten Curaçao, mr. Karel Frielink, de volgende rede.

Mevrouw de President ! Excellentie ! Geachte aanwezigen !

Het zijn roerige tijden. Ik mag daar ook op een feestelijke dag als vandaag niet aan voorbij gaan. De wereldwijde economische crisis, de talloze plekken waar wordt gevochten en gemoord, de hongersnood in tal van landen, allerlei epidemieën, het structurele gebrek aan onderwijs en gezondheidszorg zijn slechts enkele voorbeelden van de diepe ellende in de wereld om ons heen. Ik zou mijn spreektijd in substantiële mate overschrijden als ik een volledige opsomming zou trachten te geven.

Ik wil vandaag vooral dicht bij huis blijven. Er zijn duizenden mensen op Curaçao die slecht gehuisvest zijn, nauwelijks of geen inkomen hebben, geen geld hebben om hun kinderen eten mee naar school te geven, verslaafd zijn aan drugs en noem maar op. We lezen in de krant over witwaspraktijken, inbraken en overvallen. In een ingezonden brief in de Amigoe van 14 september 2009 vertelt een slachtoffer over vier inbraken in zijn huis en voegt daaraan veelbetekenend toe: "Het vreemde is dat ik het die mensen niet eens echt kwalijk kan nemen".

In dezelfde editie heeft een andere briefschrijver het over de georganiseerde misdaad die hier actief is en hij vervolgt: "Het valt ook op dat in ernstige zaken de daders worden vrijgesproken. Het politie-onderzoek schijnt dan beneden de maat te zijn. De politie, justitie en het gevangeniswezen als pijlers van de rechtsstaat dienen te worden versterkt op alle fronten om de leefbaarheid van de burgers te behouden en zelfs te vergroten".

Wij leven in een rechtsstaat. Van die rechtsstaat maken wij allen deel uit. Maar die rechtsstaat staat zwaar onder druk. Negatief geformuleerd bestaat de rechtsstaat bij de gratie van het ontbreken van voldoende krachten die haar omver kunnen werpen. Maar waar ligt de grens? En hoe bereiken we dat voldoende vertrouwen in die rechtsstaat blijft bestaan? Bij vertrouwen gaat het dan om (i) vertrouwen in de politiek, (ii) vertrouwen in politie en openbaar ministerie en (iii) vertrouwen in de rechtspraak.

Hoeveel armoede kan onze samenleving verdragen voordat de bom barst? Voor de politiek – en ik doel hier op alle politici - ligt hier een tweeledige verantwoordelijkheid. Een rechtsstaat behoort er immers ook een te zijn in sociale zin. En daarbij gaat het niet alleen om een adequaat sociaal vangnet voor ouderen, werklozen en anderen die niet voor zichzelf kunnen zorgen. Door de politiek moeten wezenlijke keuzes worden gemaakt voor wat betreft de inrichting en de toekomst van de rechtsstaat, ook op sociaal-economisch vlak.

De politiek heeft de verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat het gezag van de overheid - de overheid als rechtsstaat - wordt bevorderd en waar nodig hersteld. Dat betekent onder meer dat politie en justitie goed moeten (kunnen) functioneren. Het vertrouwen dat de burger in de politie en in andere opsporingsfunctionarissen heeft, is immers mede bepalend voor het vertrouwen van de burger in onze rechtspraak.

Wanneer politici zelf voorwerp van een strafrechtelijke procedure zijn, of zelfs worden veroordeeld, mogen zij zich daar niet lichtvaardig van afmaken door publiekelijk te spreken over een politiek proces. Daarmee wordt de indruk gewekt dat rechters hun werk niet goed zouden doen. Op degene die dat beweert rust dan op zijn minst de bewijslast van die stelling. Grappig genoeg blijkt uit empirisch onderzoek dat kritiek op het werk van rechters doorgaans voortkomt uit de opvatting dat rechters in het algemeen te lage straffen uitspreken (T. van der Meer, Vertrouwen in de rechtspraak: empirische bevindingen, Rechtstreeks nr. 1, 2004, uitgave van de Raad voor de rechtspraak). Hoe dit ook zij, van een wijdverbreid gebrek aan vertrouwen in onze rechtspraak is tot op heden, naar mijn waarneming, geen sprake.

De verantwoordelijkheid om te zorgen voor het gezag van de overheid betekent ook dat politici zich bewust moeten zijn van de voorbeeldfunctie die zij vervullen. De al sinds jaar en dag bestaande praktijk om bestuursleden en commissarissen van overheidsvennootschappen niet te benoemen op basis (en met inachtneming) van een zakelijk profiel, maar op basis van een politiek profiel, zendt volstrekt verkeerde signalen uit naar de samenleving.

In zijn vonnis van 3 juli 2006 (AR 2006/154) heeft het Gerecht het over een "sinds jaar en dag bestendig benoemings- en ontslagbeleid voor commissarissen en bestuurders", dat er op neerkomt dat bij een politieke wisseling van de wacht, ook bestuurders en commissarissen van een andere politieke kleur worden benoemd. Het Gerecht toetst ook aan dat beleid. In zijn vonnis van 21 mei 2007 (AR 2006/1234) geeft het Gerecht aan dat voor de beoordeling van de redelijkheid of wenselijkheid van dat beleid – de periodieke, politieke standaard benoemings- en ontslagronde - geen zelfstandige taak is weggelegd. Nog geen jaar later klinkt er echter vanuit het Gerecht een ander geluid.

De oprichting van de Stichting Implementatie Privatisering (StIP) was een poging om de directe invloed van de politiek op overheid NV’s te verminderen. In zijn vonnis van 11 februari 2008 (AR 2007/594) moest het Gerecht echter constateren dat niet is gebleken dat het Bestuurscollege zich hiervan reken-schap heeft gegeven en dat ook niet duidelijk is geworden op grond waarvan het Bestuurscollege heeft gemeend dat moest worden afgeweken van de door StIP voorgestane, openbare sollicitatieprocedure. Het Gerecht heeft het in die zaak over een zuiver politieke benoeming, tot stand gekomen onder druk van de Gedeputeerde en zijn partij. Een dergelijk met ‘good corporate governance’ strijdig benoemings-besluit wordt door het Gerecht met een beroep op de redelijkheid en billijkheid vernietigd. Daarmee plaatst het Gerecht het belang van de betrokken overheids-NV en de daarmee verbonden onderneming centraal. En zo hoort het ook! Verwacht mag worden dat het Gerecht deze lijn niet alleen zal vasthouden, maar met name benoemingsbesluiten ook steeds strenger zal toetsen. Dit soort benoemingen en andere vormen van vriendjespolitiek zijn immers op termijn een ernstige bedreiging voor de rechtsstaat.

Integriteit begint bij jezelf. Politici hoeven niet te wachten op de invoering van nieuwe regels alvorens zij zich bijvoorbeeld conformeren aan regels van ‘good corporate governance’. De politici kunnen reeds nu afspreken (a) dat geen politieke benoemingen meer zullen plaatsvinden, en al helemaal niet van personen waarvan twijfelachtig is of zij op hun taak zijn berekend, (b) dat uitsluitend nog onafhankelijke commissarissen zullen worden benoemd en (c) dat voor iedere benoeming een transparante procedure zal gelden en een zakelijk profiel zal worden gehanteerd. De Orde van Advocaten heeft de politiek daartoe op 18 december 2008 al opgeroepen, maar tot nu toe zonder merkbaar resultaat.

Er zijn uiteraard veel politici die van goede wil zijn. Misschien dat zij hun partij zouden kunnen bewegen om met het oog op de komende Statenverkiezingen een integriteitsverklaring of eed af te leggen. En als hun partij daar niet aan wil, dan zouden zij dat individueel kunnen doen. Daarmee kunnen zij publiekelijk laten zien dat zij de rechtsstaat serieus nemen. In dat verband zou het overigens ook de nodige leden van de Nederlandse Tweede Kamer niet misstaan als zij zichzelf eens een spiegel zouden voorhouden, want bijna dagelijks is er wel een reden om te denken: "Het moet daar niet gekker worden". Gelet op het concordantiebeginsel bestaat daar zelfs een juridische basis voor.

Advocaten worden soms de helden van de rechtsstaat genoemd, omdat zij burgers tegen het machts-instrumentarium van de overheid beschermen. Ik ben vandaag iets verder gegaan vanuit de overtuiging dat de rechtsstaat er niet alleen is om mij een leuke tijd op aarde te geven, maar dat ook op mij de plicht rust te voorkomen dat onze gemeenschap desintegreert. De rechtsstaat is een complex geheel. Burgers, politici, rechters, officieren van justitie én advocaten vervullen daarin ieder een eigen rol. Daarbij moeten wij elkaar scherp houden, ook al overschrijden we daarbij soms de grenzen van onze traditionele rol.

Als gezegd vieren wij de installatie van vier rechters. Ook zij zullen in toenemende mate de druk van hun maatschappelijke verantwoordelijkheid voelen. Ik feliciteer hen namens de balie en wens hen sterkte, want rechtspreken is lang niet altijd makkelijk en zeker niet in een kleinschalige gemeenschap als deze.

We leven hier niet alleen in een kleine gemeenschap, maar ook in een gemeenschap met een geheel andere culturele omgeving dan die waaruit een deel van de rechters – thans werkzaam bij dit Hof - afkomstig is, al zijn er onder hen die hier al de nodige ervaring hebben opgedaan. Die andere culturele identiteit werkt door in het recht en in de toepassing daarvan. Nederlandse normen en maatstaven zijn niet zonder meer de onze, en omgekeerd!

Tenslotte veroorloof ik mij een kleine, persoonlijke noot. Dat vandaag ook mr Maroeska Scholte wordt geïnstalleerd doet mij bijzonder deugd. Uit de tijd dat zij nog advocate was op Curaçao, ken ik haar niet alleen als een plezierige persoonlijkheid, maar ook als een scherpe juriste met een sterk ontwikkeld rechtsgevoel.

Ik dank u wel!

September 28, 2009

Lawyers say the government's appeal in dump case is incomprehensible

PHILIPSBURG--There is still unlawful nuisance and the odour at the sanitary landfill must be removed. The Country St. Maarten considers itself committed to the Fire Suppression Plan but does not want to commit itself to a specific date.

Juriste Ivy Moll krijgt lintje voor haar vrijwilligerswerk in Amersfoort

LEIDEN - Juriste Ivy Frances Moll is zaterdag in Amersfoort benoemd tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau. Zij kreeg de versierselen opgespeld door burgemeester Lucas Bolsius.

Aruba, Bonaire and Curacao will require Venezuelans to obtain visa to visit

DUTCH CARIBBEAN - The Dutch Caribbean islands Aruba, Bonaire and Curacao will require Venezuelans to obtain a visa to visit. This was stated by the government on Wednesday, adding to the nations that have tightened entry restrictions on the crisis-hit country because of mass emigration.