Over het boek
Het boek gaat over de praktische toepassing van mediation in strafzaken en de daar bijbehorende spelregels. Bijvoorbeeld de manier waarop advocaten met mediation in strafzaken kunnen omgaan en hoe Officieren van Justitie en rechters rekening kunnen houden met de uitkomsten van geslaagde mediations.
Gesteld wordt dat politie, Openbaar Ministerie, rechters en andere justitiële professionals meer oog kunnen ontwikkelen voor de problemen die aan de aangifte ten grondslag kunnen liggen en de nodige zaken naar mediation kunnen verwijzen. De mensen die bij de aangifte betrokken zijn, moeten soms de kans krijgen die problemen eerst zelf op te lossen. Ook brengt het boek de manieren in kaart waarop politie, OM en de aanbieders van bemiddeling (mediators in strafzaken) afspraken kunnen maken over de randvoorwaarden. Die afspraken gaan over de manier waarop wordt verwezen, de waarborgen waarmee mediation wordt omgeven (vrijwillige deelname, vertrouwelijkheid, procedurele rechtvaardigheid) en hoe er rekening wordt gehouden met de uitkomsten van de mediation.
In het boek staan de theoretische grondslagen, het internationale kader en de toepassingspraktijken in andere landen. Ook de recente ervaringen met het toepassen van mediation in strafzaken en de betekenis van huidige wetgeving in Nederland komen aan bod. Het boek geeft een overzichtelijke uitwerking van de samenhang tussen mediation in strafzaken en andere vormen van conflicthantering, gebaseerd op restorative justice (in het Nederlands: herstelrecht).
Mediation in strafzaken moet bij voorkeur niet als losse interventie worden toegepast. Er zijn betere resultaten te boeken als er in wijken en in organisaties al in een eerder stadium conflicthantering en bemiddeling wordt toepast. Het resultaat is dan namelijk dat er meer zaken al direct worden opgelost. Met als gevolg dat er minder zaken in het strafrecht belanden en je het strafrecht weer kan gebruiken waarvoor het oorspronkelijk bedoeld is: als laatste redmiddel en niet als eerste impuls.
Een voorbeeld: agressie tegen hulpverleners. De overheid roept op om altijd aangifte te doen. In die zaken kun je regelmatig ook resultaat bereiken door het organiseren van een gesprek. In de Amsterdamse pilot speelt een zaak waarin de agressie tegen een medewerkster van Jeugdzorg na aangifte naar tevredenheid is uitgepraat met de veroorzaker. Het inzetten van mediation kan dus echt het verschil maken.
Doel van het boek is om bestaande kennis over herstelrecht in het algemeen te vergroten en de Nederlandse praktijk te verrijken met (kennis over) mediation in strafzaken. Het boek is daarom bestemd voor een brede doelgroep. Mediators, advocaten en rechters, het personeel in de rechtspraak en bij het Openbaar Ministerie, betrokkenen bij de Veiligheidshuizen, politiefunctionarissen, medewerkers van de reclassering, Raad voor de Kinderbescherming, ambtenaren die werken op het gebied van welzijn, maatschappelijke ontwikkeling, openbare orde en veiligheid, studenten en alle anderen die met grensoverschrijdend gedrag en strafbare conflicten te maken hebben.
Janny Dierx is adviseur en mediator en kwam voor het eerst in aanraking met mediation in strafzaken en andere vormen van herstelrecht op in Argentinië.
Anneke van Hoek is criminologe en manager bij Stichting Restorative Justice Nederland.
John Blad is verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam (Strafrecht en Criminologie) en hoofdredacteur van het Tijdschrift voor Herstelrecht.
Stijn Hogenhuis is een ervaren bemiddelaar bij conflicten in de strafbare sfeer en betrokken bij de ontwikkeling van buurtbemiddeling in Nederland. Suzanne Jansen werkt bij de Rechtbank Den Haag en is gespecialiseerd in herstelrecht in het (internationale) jeugdstrafrecht.
Janny Dierx en Anneke van Hoek [red.], Mediation in strafzaken. De praktische toepassing van restorative justice en herstelrecht, Den Haag: Sdu Uitgevers bv, 2012.
ISBN 978 90 1238 939 6
Prijs € 34,95