Toespraak Hofpresident bij installatie zeven nieuwe rechters

WILLEMSTAD - Op vrijdag 20 september werden bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba zeven nieuwe rechters geinstalleerd: mrs. Van Lieshout, Van Gink, Nootenboom, Eskes, Martijn, Geurts en Lasten. President van het Hof, mr. Eunice Saleh, hield ter ere van deze installatie onderstaande toespraak.
 
Ik verleen akte van de voorlezing. Hiermee is de installatie van voornoemde leden van het Hof een feit. Ik zal hen nu aan u voorstellen en begin daarbij met de enige heer in het gezelschap.
 
Mr. Stephan van Lieshout, aan mijn rechterhand gezeten, voor velen van u geen onbekende, is geboren op 7 oktober 1960 te Geldrop. Hij heeft zijn rechtenstudie in 1985 afgerond aan de Rijksuniversiteit Utrecht. Na de raio-opleiding volgde in 1993 zijn
benoeming tot rechter bij de rechtbank Den Haag. De eerste overstap naar het Gemeenschappelijk Hof maakte mr. Van Lieshout in 1997. Hij heeft de daaropvolgende vijf jaren op Curaçao en Sint Maarten gezeten. Mr. Van Lieshout heeft onze eilanden toen in zijn hart gesloten, maar het heeft toch zestien jaar geduurd voordat hij besloot weer te solliciteren. In die jaren heeft mr. Van Lieshout als kantonrechter en sectorvoorzitter bij de rechtbank Utrecht gewerkt en daarna als sectorvoorzitter straf bij de rechtbank Rotterdam en senior rechter bij de rechtbank Midden-Nederland. Mr. Van Lieshout wordt gekarakteriseerd als communicatief sterk, flexibel, verantwoordelijk en stressbestendig, ervaring met geruchtmakende zaken en weet goed om te gaan met daarbij behorende publiciteit. Ik kan hieraan nog toevoegen dat mr. Van Lieshout het ook op de dansvloer goed doet. Hij heeft al in zijn eerste periode hier samen met zijn vrouw Renee salsalessen gevolgd en ik heb er alle vertrouwen in dat hij zich hier de komende jaren alleen maar meer in zal bekwamen. Mr. Van Lieshout behandelt sinds december 2018 strafzaken in eerste aanleg.
 
Mr. Erna van Gink, aan mijn linkerhand gezeten, is geboren op 26 juni 1965 te Roosendaal en Nispen. Zij heeft haar rechtenstudie in 1989 afgerond aan de Katholieke Universiteit Brabant. Daarna is zij tien jaar advocaat geweest. Na vervolgens een aantal
maanden als stafjurist te hebben gewerkt bij het Hof Den Bosch is zij in 2001 bij dat Hof begonnen als raadsheer in opleiding bij de rekestensector en strafsector. In 2002 is zij benoemd tot raadsheer, en werkte zij in de strafsector als senior raadsheer en
Kamervoorzitter. Mr. Van Gink heeft na zeventien jaar Hof Den Bosch, onderbroken door een detachering bij de rechtbank Oost-Brabant, besloten om haar ruime professionele ervaring in te zetten in een nieuwe werkomgeving en cultuur en te solliciteren bij het Gemeenschappelijk Hof. Degenen die met mr. Van Gink hebben samengewerkt zijn onder de indruk van haar analytische capaciteiten, vakkennis en werkkracht, pragmatisme, hoog werktempo, no-nonsense aanpak en open houding.
Hiernaast is mr. Van Gink een gezellige collega met een gezonde dosis humor. Mr. Van Gink behandelt sinds december 2018 strafzaken in hoger beroep.
 
Naast mr. Van Lieshout zit mr. Kimberly Lasten. Geboren op Curaçao op 18 september 1985, dus eergisteren 34 jaar geworden en daarmee onze jongste rechter. Mr. Lasten heeft in Nijmegen rechten gestudeerd. Na haar afstuderen in 2007 is mr. Lasten ruim acht jaar advocaat geweest op Curaçao. Haar ambitie om een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van onze maatschappij en bij te dragen aan rechtsvorming hebben haar er toe gedreven te solliciteren voor de raio-opleiding. Zij heeft het eerste deel van de
opleiding in Aruba gedaan en is vervolgens naar Curaçao terug gekeerd, waar zij haar opleiding heeft vervolgd. In 2018 vertrok mr. Lasten naar Nederland voor het laatste deel van de opleiding bij de rechtbank Gelderland, locatie Zutphen. Zij heeft het daar zo goed gedaan dat die rechtbank haar heeft verzocht om na het einde van de opleiding een aantal maanden langer te blijven. Met andere woorden: el a saka kara. Haar opleiders zijn speciaal voor deze zitting overgekomen. Mr. Lasten heeft de raio-opleiding begin 2019 met succes afgerond. Collega’s hebben haar omschreven als: betrouwbaar, stabiel, opgewekt, ambitieus, krachtig en authentiek. Mr. Lasten is ook heel sportief. Zo sportief dat zij, als zij zich niet lekker voelt, niet zoals de meesten van ons zouden doen, gewoon gaat rusten, maar gaat sporten bij Fort Nassau om weer fit te worden. Ook gaat ze iedere ochtend om 5 uur naar de gym. Mr. Lasten behandelt civiele zaken in eerste aanleg.
 
Ik stel vervolgens aan u voor mr. Ineke Eskes, gezeten naast mr. Van Gink. Mr. Eskes is in Doetinchem geboren op 17 september 1961 en ook zij heeft dus van de week haar verjaardag gevierd. Voordat mr. Eskes aan haar rechtenopleiding begon heeft zij van
1980 tot 1997 bij de politie gewerkt, laatstelijk in de rang van brigadier. Haar doctoraal Nederlands recht rondde zij af in 2002 aan de Rijksuniversiteit Groningen. Bijzonder detail is dat zij haar propedeuse heeft behaald aan de universiteit in Aruba, waar zij van 1997 tot 1999 heeft gewoond. Het is dus niet de eerste keer dat mr. Eskes de oceaan oversteekt om enige tijd in het Caribisch deel van het Koninkrijk te wonen en werken. Na haar afstuderen is mr. Eskes begonnen bij de rechtbank Arnhem, eerst als senior-
secretaris, vervolgens stafjurist en rechterplaatsvervanger, allemaal in de sector strafrecht. In 2013 is zij benoemd tot rechter en heeft zij achtereenvolgens in de afdelingen bestuursrecht, strafrecht en sinds 2017 als rechter-commissaris in strafzaken gewerkt. Een hardwerkende, integere, onafhankelijke, vakbekwame en zeer prettige collega om mee samen te werken. Dat hebben collega’s over haar gezegd. Mr. Eskes is sinds mei 2019 lid van het Hof en hier werkzaam als rechter-commissaris in strafzaken.
 
Naast mr. Lasten zit mr. Eveline Nootenboom-Lock. Zij is geboren op 14 mei 1981 in Gouda. Mr. Nootenboom-Lock heeft rechten gestudeerd aan de Rijksuniversiteit Leiden. Na afronding van haar studie in 2004 begon zij met de raio-opleiding. In oktober 2010
werd zij rechter-plaatsvervanger in de sector handel en kanton bij de rechtbank Utrecht.In oktober 2011 werd zij benoemd tot rechter bij de rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht, afdeling civiel. Zij stapte in januari 2016 over naar de sector straf-, familie- en jeugdrecht, waar zij tot haar vertrek naar Curaçao werkzaam was. Mr. Nootenboom-Lock heeft verder grote affiniteit met opleiden: zij heeft raio’s en rio’s en ook student-stagiaires begeleid. Positieve eigenschappen die haar zijn toegedicht: een combinatie van rust, overwicht, inzicht, kennis, vriendelijkheid, duidelijkheid en doortastendheid. Volgens goed Curaçaos gebruik kan ik niet nalaten iets te zeggen over een familieverband: mr. Nootenboom-Lock is de zus van mr. Pieter Frans Lock, die in het verleden enkele jaren lid is geweest van dit Hof. Zij heeft hem in die periode opgezocht en de indrukken die zij daarbij heeft opgedaan heeft zij als onvergetelijk ervaren en de mogelijkheid om in Curaçao te werken heeft haar niet meer losgelaten.
Wij zijn blij dat deze wens is gerealiseerd. Mr. Nootenboom-Lock behandelt civiele zaken in eerste aanleg.
 
Ik ga weer naar mijn rechterkant, naast mr. Eskes zit mr. Wendy Geurts. Mr. Geurts is geboren op 8 juli 1975 in Berkel en Rodenrijs. Zij heeft haar rechtenstudie in 1999 aan de Katholieke Universiteit Brabant voltooid. Van 1999 tot 2005 was zij raio, eerst in Middelburg en daarna in Breda. In 2006 is zij benoemd tot rechter, bij de rechtbank Rotterdam. Mr. Geurts heeft van 2006-2009 bij het team strafrecht gezeten, daarna is zij vijf jaar rechter-commissaris geweest in strafzaken en vanaf 2014 tot vertrek naar Curaçao rechter bij het team insolventie. Kort voor haar vertrek uit Nederland is zij benoemd tot senior rechter. Collega’s die met haar hebben samengewerkt hebben het volgende over haar gezegd: plezierige, hardwerkende en integere collega, op zitting bedient zij zich van een stevige charme, behandelt met groot gemak de meest ingewikkelde of zware zaken. Mr. Geurts is met veel enthousiasme naar Curaçao gekomen. Zij staat te popelen om het eiland te ontdekken. Zo was ze gelijk enthousiast toen ze hoorde over de jaarlijkse mogelijkheid om de Tafelberg te beklimmen en stond ze dus twee weken geleden op zondag om 5:00 uur, met thermoskan koffie en al, op de parkeerplaats bij Santa Barbara, helemaal blij en klaar voor de klim. Mr. Geurts behandelt strafzaken in hoger beroep.
 
Naast mr. Nootenboom-Lock zit mr. Angele Martijn. Zij is geboren op 5 februari 1972 in Aruba. Na de middelbare school heeft mr. Martijn Facility Management gestudeerd aan de HBO in Groningen waarna zij terugkeerde naar haar geboorte eiland. Tot 2003 is zij vervolgens staffunctionaris marketing & PR geweest bij de Directie Posterijen Aruba. Van 1999 tot 2003 studeerde zij rechten aan de Universiteit van Aruba. Na haar afstuderen is mr. Martijn zeven jaar advocaat geweest en vervolgens juridisch beleidsmedewerker en senior juridisch adviseur bij verschillende ministeries van het land Aruba. Al gedurende de periode dat mr. Martijn advocaat was, trok het onafhankelijk en onpartijdig en objectief beoordelen van geschillen haar belangstelling.
Dit leidde in 2015 tot haar sollicitatie naar een opleidingsplek bij het Hof. Nadat mr. Martijn met succes door de selectie is gekomen is zij met haar zoon naar Curaçao verhuisd voor de opleiding. Mr. Martijn werd al snel een gezellige factor in het Stadhuis, waardoor het pijnlijk afscheid nemen was voor haar collega’s toen zij Curaçao weer verliet voor het laatste deel van de opleiding bij de rechtbank Den Haag. Een van haar directe collega’s omschrijft haar als: menselijk, open, behulpzaam, ontwapenend, grappig, bij vlagen luidruchtig en –hoe kan het ook anders- als heel gezellig. In Den Haag heeft mr. Martijn het, gelet op het verslag van haar opleiders, heel goed gedaan. 
Mr. Martijn is na terugkeer uit Nederland in augustus 2018 op Curaçao in eerste aanleg civiel aan het werk gegaan. Sinds augustus 2019 doet zij ambtenarenzaken in eerste aanleg.
 
Aan al mijn nieuwe collega’s: welkom bij het Hof, masha pabiën en veel succes toegewenst. Ook familieleden en vrienden: van harte gefeliciteerd. 
 
Dames en heren,
Bij de gerechtsgebouwen te Aruba, Curaçao, Sint Maarten en Bonaire hangt, net als bij rechtbanken en hoven in Nederland, de vlag half stok. Dit om de woensdag jongstleden in Amsterdam doodgeschoten advocaat en rechter-plaatsvervanger Derk Wiersum te
herdenken. Het Hof betoont op deze wijze allereerst zijn medeleven met de nabestaanden van mr. Wiersum. Daarnaast wil het hiermee zijn verbondenheid met de rechterlijke organisaties in Nederland tot uiting brengen. Zeker in een situatie als deze is het van groot belang dat wij elkaar steunen in dat wat wezenlijk is voor onze samenlevingen.
 
Het Hof vierde op 1 mei jl. zijn 150ste verjaardag. Een mijlpaal en reden om er bij stil te staan dat in onze democratie onafhankelijke en onpartijdige rechtspraak door de jaren heen een constante factor is geweest. Dit moeten wij koesteren. In een democratische
rechtstaat is het immers van wezenlijk belang dat iedere burger er op kan vertrouwen dat geschillen worden berecht door een onafhankelijke en onpartijdige rechter en dat rechtspraak toegankelijk en effectief is.
 
Een belangrijke taak van het Hof is bescherming van door de wet aan burgers toegekende rechten en het beschermen van de democratie. Ook na 150 jaar heeft het Hof onverminderd een zwaarwegende verantwoordelijkheid om deze taak op een goede
manier te blijven vervullen. Hierbij hoort ook het nadenken op welke wijze wij kunnen blijven bijdragen aan een rechtvaardiger samenleving, waarbij het Hof er is voor burgers, ondernemers en andere partijen die behoefte hebben aan rechtsbescherming.
Deze verantwoordelijkheden heeft het Hof op basis van haar unieke rol en maatschappelijke positie als derde staatsmacht.
 
Die unieke rol en maatschappelijke positie, waarbij het Hof moet blijven waken voor zijn onafhankelijkheid, kan meebrengen dat het Hof wordt ervaren als een afstandelijk instituut dat vanuit een ivoren toren geschillen beslecht. En zwijgt op het moment dat er vanuit de maatschappij kritische geluiden en/of vragen zijn ten aanzien van uitspraken of het functioneren van het Hof in zijn algemeenheid. Dat beeld dient te worden genuanceerd. Het Hof streeft ernaar midden in de maatschappij te staan. Dit komt ook uit tot uitdrukking in twee van de centrale doelstellingen van het Hof: het bevorderen van de toegankelijkheid en het waarborgen van het vertrouwen van de burger in de rechtspraak. Het Hof ziet het als zijn verantwoordelijkheid om, samen met andere ketenpartners in de samenleving, bij te dragen aan de instandhouding van de rechtstaat. Daar wordt invulling aan gegeven door op verschillende podia gelegenheid te bieden tot het uiten van feedback over het functioneren van het Hof en terug te geven wat er met die feedback wordt gedaan. Zo voert het Hof overleg met de Orde van Advocaten, de deurwaarders, het Openbaar Ministerie, het notariaat en de Voogdijraad.
Ook bestaat er een Klachtenregeling op grond waarvan iedere belanghebbende kan klagen over de wijze waarop hij door het Hof is bejegend. Hiernaast geeft het Hof interviews waarbij antwoord wordt gegeven op kritische vragen ten aanzien van bepaalde zaken of de organisatie van het Hof en wordt een klantwaarderingsonderzoek uitgevoerd.
 
De onafhankelijke positie van het Hof brengt echter mee dat het Hof ervoor moet waken in discussie te gaan, met name als het gaat om de inhoud van rechtszaken. De kritiek hierop is dat de rechterlijke macht zich hierachter verschuilt. En toch is dat niet zo. Geuite kritiek heeft nu eenmaal regelmatig in de kern betrekking op de inhoud van een zaak. In ons rechtssysteem is het zo dat de rechter spreekt door zijn vonnis. De rechter gaat niet in discussie over zijn vonnis. Dit geldt te meer wanneer tegen dat vonnis nog hoger beroep of beroep in cassatie is of kan worden ingesteld. Dan ligt immers het risico op de loer dat het Hof ervan wordt beticht niet onpartijdig en onafhankelijk te zijn omdat het zich laat beïnvloeden door kritiek. Dat het Hof zwijgt in gevallen waarbij het van mening is dat een reactie naar buiten toe niet verstandig en wenselijk is, wil niet zeggen dat wij kritische uitlatingen niet ter harte nemen. Kritiek wordt intern geëvalueerd en steeds wordt bezien hoe efficiëntie en professionaliteit kunnen worden verbeterd. En waar mogelijk, doet het Hof hier mededelingen over. Integriteit is in de formulering van de visie van het Hof genoemd als één van de
kernwaarden. In 2019 is het bestuur gestart met een integriteitstraject binnen het Hof. Er zijn basistrainingen bewustwording integriteit georganiseerd voor alle medewerkers en rechters. De eerste mijlpaal is te komen tot een gedragscode. Parallel hieraan wordt gewerkt aan een integriteitsplan waarin het Hof de ambitie, visie en doelen van het te voeren integriteitsbeleid vastlegt en ook beleidsinstrumenten waarmee dit gerealiseerd kan worden. Ook voor wat betreft de invulling van integriteit geldt: het is niet iets wat
het Hof alleen kan doen, er is juist input van ketenpartners en burgers nodig om ons een spiegel voor te houden. En zo ben ik weer terug bij het onderwerp van de verschillende podia waarop hier invulling aan wordt gegeven en is de cirkel rond.
 
Via de constatering dat een noodzakelijke voorwaarde voor goede rechtspraak deugdelijke huisvesting is, maak ik de overstap naar dit onderwerp. Vorig jaar heb ik gezegd dat dringende aandacht nodig blijft voor de huisvesting van het Hof en dat het nodig is dat het Stadhuis grondig wordt gerenoveerd. Een deel van het personeel is al noodgedwongen elders gehuisvest, in het KNSM-gebouw. U zult begrijpen dat het allerminst een ideale situatie is. Het is van het grootste belang dat het Hof spoedig weer vanuit 1 gebouw de rechtspraak kan verzorgen. Naar het zich laat aanzien zal het Hof eind 2019 verhuizen naar het oude KPMG-gebouw aan de Emancipatieboulevard. Aan de laatste formaliteiten daartoe wordt nu de hand gelegd. Te zijner tijd zal daar in de media nadere berichtgeving over volgen. Dit zal een ingrijpende en tijdrovende operatie zijn. Uiteraard zullen wij alles op alles zetten om de toegankelijkheid van rechtspraak hier niet onder te laten lijden en zullen wij kwaliteit blijven leveren aan de rechtzoekenden. En dit alles natuurlijk met het doel om binnen enkele jaren weer terug te keren naar een prachtig gerenoveerd Stadhuis.
 
Dames en heren, tot slot kan ik het zeker vandaag natuurlijk niet laten om het weer even over de Caribisering te hebben. Het is met trots dat wij vandaag twee rechters van lokale bodem installeren. Zoals ik vaker heb aangegeven is het de overtuiging van het Hof dat Caribisering van het Hof voor de landen en de rechtspraak van belang is. Op dat gebied zijn de afgelopen jaren forse stappen gezet. Op dit moment is bijna 50 % van de leden lokaal. Alleen al tussen september 2018 en heden zijn er 5 lokale rechters benoemd. Het Hof heeft steeds in een adem met Caribisering uitgedragen dat bijstand  van rechters uit Nederland, die hun eigen ervaring en expertise meebrengen zeer wenselijk blijft. Het Hof zal de komende jaren het beleid van Caribisering en doorstroom zoals dat heet voortzetten.
 
Dank u voor uw aandacht.

St. Maarten one step closer to averting FATF blacklisting

PHILIPSBURG--St. Maarten came one step closer to being compliant with the Financial Action Task Force (FATF) recommendations and avoiding being publicly listed as a jurisdiction with weak measures to combat money-laundering and terrorism-financing on Friday when Members of Parliament (MPs) unanimously passed the National Ordinance amending the Penal Code in connection with the implementation of some urgent international obligations.

CU wil wet tegen kindermishandeling BES-eilanden

BES EILANDEN - De ChristenUnie wil dat er een nieuwe wet komt tegen kindermishandeling op Bonaire, Sint Eustatius en Saba. De kleinste regeringspartij roept het kabinet op werk te maken van een wet die fysiek en psychisch geweld tegen kinderen ook op de BES-eilanden verbiedt.

Lawyers say the government's appeal in dump case is incomprehensible

PHILIPSBURG--There is still unlawful nuisance and the odour at the sanitary landfill must be removed. The Country St. Maarten considers itself committed to the Fire Suppression Plan but does not want to commit itself to a specific date.